Prinsjesdag en de Nederlandse exodus: vertrekt de belastingdruk mee in de verhuiswagen?
Prinsjesdag 2026 heeft nieuwe cijfers opgeleverd over koopkracht, inkomstenbelasting, pensioenopbouw en box 3. Voor sommige Nederlanders voedt de belastingdruk de droom van een nieuw leven over de grens. Maar waar zijn de lasten op arbeid werkelijk lager en hoe tevreden zijn inwoners daar? Mondi zet gevoel en ratio naast elkaar. Voor leden volgt de persoonlijke toets, met aandacht voor fiscale woonplaats, vermogen, pensioen, ziektekosten en de vraag of de buitenlandse woning werkelijk bij het emigratieplan past.
Na de troonrede begint het rekenenOp Prinsjesdag 2026 heeft koning Willem-Alexander de troonrede uitgesproken. Inmiddels zijn ook de Miljoenennota 2027 en het Belastingplan 2027 openbaar. Voor Nederlanders die nadenken over hun belastingdruk begint dan een herkenbaar ritueel: de plannen bekijken, vervolgens woningadvertenties in het buitenland openen en zich afvragen of het tijd is om de koffers te pakken. De zon schijnt elders vaker. Misschien voelt de belastingdruk er ook lichter.
We kunnen als Nederlanders klagen als de besten. Dat betekent niet dat iedere klacht onterecht is. Belastingdruk, onzekerheid over regels en kosten van wonen kunnen zwaar wegen. Tegelijk mogen we erkennen dat we bijzonder bevoorrecht zijn om in Nederland te zijn geboren: een land met veel vrijheid, voorzieningen en mogelijkheden. In het World Happiness Report 2026 staat Nederland op de zevende plaats voor levenstevredenheid. Dat cijfer lost niemands belastingaanslag op, maar geeft wel perspectief.
De Rijksbegroting 2027 laat ook zien wat tegenover een deel van de Nederlandse belasting- en premiedruk staat. Van de begrote uitgaven van € 516,8 miljard gaat € 132,4 miljard naar sociale zekerheid en € 125,6 miljard naar zorg. Samen is dat vrijwel de helft van alle rijksuitgaven. Dat betekent niet dat iedere burger de betaalde belasting persoonlijk terugontvangt, maar wel dat een vergelijking tussen landen verder moet gaan dan alleen belastingtarieven.
Wat verandert er volgens de plannen voor 2027?
Volgens de Miljoenennota gaat de koopkracht van huishoudens er in 2027 in doorsnee met 0,1% op achteruit. Zonder aanvullende maatregelen zou de daling groter zijn. Het kabinet stelt daarom onder meer voor om de arbeidskorting met € 173 te verhogen en de tarieven in de eerste en tweede schijf van de inkomstenbelasting met 0,06 procentpunt te verlagen. Ook wil het kabinet de tijdelijke korting op de brandstofaccijns nog een jaar verlengen.
Voor hogere inkomens staat daar een beperking tegenover. Mensen met een inkomen vanaf € 137.800 krijgen vanaf 2027 gedurende zes jaar minder fiscaal voordeel bij hun pensioenopbouw. Voor iemand die emigratie overweegt, kan dit aanleiding zijn om inkomen, pensioenopbouw en het beoogde vertrekmoment in samenhang te laten beoordelen.
Ook over box 3 is nog geen definitieve rust ontstaan. Het kabinet wil doorgaan naar belastingheffing over werkelijk rendement en het toekomstige stelsel verder ontwikkelen richting een vermogenswinstsystematiek. De concrete uitwerking daarvan volgt later. Wie vanwege box 3 over emigratie nadenkt, kan daarom nog niet rekenen met één definitief toekomstig stelsel.
Het gaat om kabinetsvoorstellen. De Tweede en Eerste Kamer moeten het Belastingplan 2027 nog behandelen. De maatregelen kunnen tijdens die behandeling veranderen.
Een exodus op papier?
De Nederlandse exodus is een aantrekkelijke kop. Alsof na Prinsjesdag een stoet verhuiswagens richting het buitenland vertrekt. In werkelijkheid lopen de plannen uiteen. De één wil zes weken per jaar in een tweede huis verblijven. De ander wil zijn Nederlandse woning verkopen en een nieuw leven opbouwen. Weer een ander wil vooral minder belasting betalen. Dat zijn verschillende keuzes, met verschillende fiscale en persoonlijke gevolgen.
Een tweede huis in het buitenland is geen emigratie. Wie in Nederland blijft wonen, verhuist door die aankoop niet automatisch voor de belastingheffing. De buitenlandse woning moet doorgaans in de Nederlandse aangifte worden vermeld; hoe dubbele heffing wordt voorkomen, hangt af van de situatie. Ook een uitschrijving bij de gemeente volstaat op zichzelf niet om vast te stellen waar iemand fiscaal woont. Het werkelijke leven telt mee: waar woont het gezin, waar wordt gewerkt en waar liggen de persoonlijke en zakelijke belangen?
Waar is de belastingdruk werkelijk lager?
Om gevoel en ratio uit elkaar te houden, helpt een concrete vergelijking. De tabel laat zien welk deel van de totale loonkosten bij een alleenstaande werknemer zonder kinderen met een gemiddeld loon opgaat aan belasting en sociale premies. Daarnaast staat hoe inwoners hun eigen leven beoordelen. De cijfers beschrijven geen persoonlijke emigratiesituatie en vormen geen ranglijst van de beste landen om te wonen.
Wat wordt hier vergeleken?
De OESO vergelijkt een alleenstaande werknemer zonder kinderen met een gemiddeld loon in elk land. Het percentage laat zien welk deel van de berekende totale loonkosten naar inkomstenbelasting en sociale premies gaat, inclusief werkgeverspremies. Voor Nederland is dat 35,9%: € 35,90 per € 100 aan loonkosten. Het is geen percentage dat volledig op het salaris van de werknemer wordt ingehouden en het kan voor een individuele werknemer anders uitvallen. De score voor levenstevredenheid laat daarnaast zien hoe inwoners hun eigen leven gemiddeld beoordelen op een schaal van 0 tot 10.
Wie vooral wil emigreren vanwege belasting op vermogen, pensioen of inkomsten uit een eigen bedrijf, kan uit deze vergelijking nog geen geschikt emigratieland afleiden.
| Land | Belasting en premies als % van loonkosten | Levenstevredenheid 2026 | Wat leert u van deze vergelijking? |
|---|---|---|---|
| Verenigde Arabische Emiraten | Geen vergelijkbaar OESO-cijfer; geen persoonlijke inkomstenbelasting | 6,82 · plaats 21 | Wie inkomstenbelasting wil vermijden, vindt hier een groot verschil met Nederland. Dat zegt nog niets over de kosten van wonen, zorg of een eigen onderneming. Een persoonlijke berekening blijft nodig. |
| Zwitserland | 23,0% | 7,02 · plaats 10 | Van € 100 aan berekende loonkosten gaat hier volgens de OESO € 23 naar belasting en premies, tegenover € 35,90 in Nederland. Inwoners beoordelen hun leven ook relatief hoog. De kosten van wonen, zorg en kantonnale belastingen moeten nog worden doorgerekend. |
| Ierland | 32,6% | 6,93 · plaats 13 | Voor deze werknemer liggen de lasten op arbeid iets onder die in Nederland. Het verschil van 3,3 procentpunt is op zichzelf geen overtuigende reden om te emigreren; ook inkomen en woonkosten tellen mee. |
| Nederland | 35,9% | 7,22 · plaats 7 | Nederland is het vertrekpunt: € 35,90 belasting en premies per € 100 aan berekende loonkosten voor deze werknemer. Inwoners beoordelen hun leven gemiddeld hoger dan in alle andere landen in deze tabel. |
| Portugal | 39,3% | 6,03 · plaats 69 | Voor deze werknemer liggen de lasten op arbeid boven die in Nederland. Wie Portugal kiest voor klimaat of levensstijl, kan daar goede redenen voor hebben. Uit deze cijfers volgt geen belastingvoordeel op loon. |
| Spanje | 41,4% | 6,54 · plaats 41 | Ook hier gaat een groter deel van de loonkosten naar belasting en premies dan in Nederland. Een woning in Spanje kopen en fiscaal naar Spanje emigreren zijn bovendien twee verschillende beslissingen. |
| Italië | 45,8% | 6,57 · plaats 38 | Bij dit gemiddelde loon liggen de lasten op arbeid bijna tien procentpunt boven die in Nederland. Italië kan een aantrekkelijke woonkeuze zijn, maar is voor deze werknemer geen route naar lagere loonlasten. |
| Oostenrijk | 47,1% | 6,85 · plaats 19 | Inwoners beoordelen hun leven relatief hoog, terwijl belasting en premies op gemiddeld loon duidelijk hoger zijn dan in Nederland. Uit deze cijfers volgt voor deze werknemer geen fiscaal voordeel op arbeid. |
| Frankrijk | 47,2% | 6,59 · plaats 35 | Van € 100 aan berekende loonkosten gaat volgens deze vergelijking € 47,20 naar belasting en premies. Dat is aanzienlijk meer dan in Nederland; bij pensioen of andere inkomsten kan de persoonlijke uitkomst anders zijn. |
| België | 52,5% | 6,93 · plaats 14 | België heeft voor deze werknemer de hoogste lasten op arbeid van alle OESO-landen. De nabijheid van Nederland en de relatief hoge levenstevredenheid kunnen redenen zijn om er te wonen, maar lagere loonlasten blijken niet uit deze vergelijking. |
De percentages komen uit Taxing Wages 2026 van de OESO en betreffen de berekening over 2025 voor één type werknemer. Het verschil tussen twee percentages wordt uitgedrukt in procentpunten: Zwitserland ligt met 23,0% bijvoorbeeld 12,9 procentpunt onder Nederland met 35,9%. Dat betekent niet dat een Nederlandse emigrant automatisch 12,9% van zijn inkomen bespaart. Loon, woonkosten, zorg en de persoonlijke belastingpositie kunnen verschillen. De scores voor levenstevredenheid komen uit het World Happiness Report 2026 en meten de ervaringen van inwoners, niet die van Nederlandse emigranten. Voor vermogen, pensioen, verhuurinkomsten en een onderneming is een afzonderlijke berekening nodig. Dat geldt des te meer nu het kabinet het toekomstige box 3-stelsel verder wil ontwikkelen en mensen met een inkomen vanaf € 137.800 volgens het Belastingplan 2027 tijdelijk minder fiscaal voordeel bij pensioenopbouw krijgen. De voorstellen zijn nog niet definitief. Voor de Verenigde Arabische Emiraten biedt de OESO-tabel geen vergelijkbaar cijfer; volgens de overheid van de Emiraten wordt daar geen persoonlijke inkomstenbelasting geheven.
Een zonnig land is niet automatisch een goedkoop land
Portugal, Spanje, Italië, Frankrijk en Oostenrijk kunnen uitstekende bestemmingen zijn voor iemand die daar wil leven. Ook België biedt het voordeel van nabijheid en een vertrouwde omgeving. Maar wie uitsluitend vertrekt om minder belasting over arbeidsinkomen te betalen, ziet in deze vergelijking bij geen van deze zes landen een voordeel tegenover Nederland. Zwitserland laat een ander beeld zien; de Emiraten vormen fiscaal en maatschappelijk een wezenlijk andere keuze.
Dat zegt niets beslissends over de persoonlijke belastingrekening. De cijfers gelden voor één type werknemer. De scores voor levenstevredenheid verdienen dezelfde nuchterheid: ze meten hoe inwoners hun leven beoordelen, niet hoe tevreden een Nederlander na emigratie met zijn leven zal zijn. Een emigrant neemt immers zijn eigen verwachtingen, gezondheid, relaties en inkomsten mee. Wie familie en vrienden achterlaat, kan zelfs in een land met lagere belastingen iets verliezen dat niet op een aanslagbiljet staat.
De rekening stopt niet bij de grens
Een daadwerkelijke emigratie verandert meer dan de aangifte inkomstenbelasting. Denk aan Nederlands inkomen en pensioen, toegang tot zorg, sociale zekerheid, een eigen bedrijf en de regels van het nieuwe woonland. Wie een woning koopt om er permanent te wonen of te verhuren, moet bovendien controleren of dat gebruik juridisch is toegestaan. Een aantrekkelijke vraagprijs en een zonnig terras geven daar geen antwoord op.
Juist de ziektekosten verdienen aandacht vóór het vertrek. Een Nederlandse zorgverzekering kan bij emigratie eindigen. Wie een Nederlands pensioen ontvangt, kan onder voorwaarden recht op zorg via het CAK hebben, maar dat is niet voor iedereen dezelfde route. Het CAK heeft bovendien een mogelijke wijziging aangekondigd voor nieuwe emigranten met vroegpensioen. Een lage belastingdruk biedt weinig comfort als de toegang tot zorg of de kosten daarvan verkeerd zijn ingeschat.
Wat lezen leden verder?
In het afgeschermde deel werken we de emigratiebeslissing uit als een praktische toets. Leden lezen welke zorgroute zij moeten onderzoeken bij werk, pensioen of vroegpensioen; welke kosten en dekkingen zij moeten vergelijken; welke Nederlandse inkomsten en bezittingen een fiscale berekening kunnen veranderen; en welke vragen vóór aankoop over bewoning, verhuur en later weer verkopen beantwoord moeten zijn. Ook laten we zien welke documenten u verzamelt voordat een fiscalist, zorginstantie of onafhankelijke aankoopadviseur een betrouwbare beoordeling kan geven.
Prinsjesdag is een aanleiding, geen vertrekadvies
Mondi ziet hoe vaak kopers de volgorde omdraaien. De buitenlandse woning is gevonden, de handtekening lijkt dichtbij en pas daarna komen de vragen over fiscale woonplaats, bewoning en verhuur. Begin liever met het leven dat u wilt leiden. Toets daarna de cijfers, de zorg en de woning aan dat plan.
De koffers kunnen wachten. Een goed onderbouwde beslissing niet.
Dit artikel bevat aanvullende informatie, die uitsluitend door leden van Mondi te raadplegen is, nadat men zich heeft ingelogd.
U bent nog geen lid? Word vandaag nog lid van de belangenorganisatie, profiteer van alle voordelen en keer terug naar deze pagina om deze afgeschermde informatie alsnog te kunnen lezen!
nu lid worden
Geschreven door Rob Smulders
Datum: 15-09-2026
Datum: 15-09-2026
Terug naar overzicht
